Vrijmetselaars Podcast - verkenning van de vrijmetselarij

Bonus - Deniss over wijsheid

Season 6 Episode 50

Use Left/Right to seek, Home/End to jump to start or end. Hold shift to jump forward or backward.

0:00 | 1:00:55

Je denkt dat zelfkennis begint met analyseren, verbeteren en bijschaven, maar wat als dat precies de valkuil is? In deze bonusaflevering verwelkomen we Deniss opnieuw, en hij neemt ons mee in een persoonlijke kijk op wijsheid, verstand en intellect: wijsheid is geen trofee in je hand, maar een weg onder je voeten. Met een indringend gedicht zet Deniss meteen de toon: we kunnen verliefd zijn op wijsheid én bang voor haar, en toch blijft ze geduldig op ons wachten.

We praten over “ken uzelf” binnen de vrijmetselarij en daarbuiten, en waarom je intentie allesbepalend is. Deniss verweeft verhalen uit mystiek en levenspraktijk: Imam Gazali die zijn boeken kwijtraakt, en zijn eigen ervaring van moeten vluchten met 1244 verboden boeken in bezit, terwijl er maar één boek in de koffer mee kon. Het maakt één ding tastbaar: kennis kan ook een last zijn, en ruimte maken is soms de enige manier om te groeien. Ook het bekende beeld van de ruwe steen komt langs, maar met een scherpe waarschuwing: zonder liefde, acceptatie en gevoel voor schoonheid wordt “bewerken” al snel geweld tegen jezelf.

Daarna schuiven we naar lijden, vergeving en vertrouwen. Lijden blijkt geen eindstation maar een boodschap, vergeving een instrument om weer te kunnen lopen, en vertrouwen een mystieke driehoek: jezelf, de ander en de weg. Denise vertelt ook een onvergetelijke nacht in een donker bos bij Lunteren, waar verdwalen omslaat in een inzicht over kracht in het hier en nu. We eindigen bij de drie-eenheid schoonheid, wijsheid en kracht, en wat er gebeurt als je je voorstellingen durft los te laten.

Abonneer je op de Vrijmetselaars Podcast, deel deze aflevering met iemand die met zelfkennis worstelt, en laat een beoordeling achter zodat meer luisteraars dit gesprek vinden. Wat raakte jou het meest?

Support the show

🙋‍♂️ Ik vind het leuk als je contact met me opneemt. Dat kan via:
📧 E-mail - vrijmetselaarspodcast@gmail.com
📸 Instagram - VrijmetselaarsPodcast
👍 Facebook - VrijmetselaarsPodcast 

 📰 Substack - VrijmetselaarsPodcast

🧑‍💻 Website - https://vrijmetselaarspodcast.buzzsprout.com

🫙Luister je graag naar de Vrijmetselaars Podcast en wil je een fooi geven? Dat kan! Ga naar Fooienpod en doneer vrijblijvend éénmalig of maandelijks een zelf te bepalen bedrag. Alvast bedankt!

Opening en quote

Deniss

En voor mij bestaat geen stenen tempel. Voor mij bestaat ook geen ruwe steen die mag bewerkt worden. Omdat die ruwe steen is goed zo. Als wij met onze verstand, met onze kennis zonder liefde en schoonheid ervaren te hebben, onze beitel en hamer pakken, dan kunnen we wreedheden verrichten.

Introductie bonusaflevering met Denise

Sander

Beste luisteraars, welkom bij deze bonus aflevering, zoals ik jullie een tijdje geleden beloofd heb, omdat de podcast de 50ste aflevering heeft gehad, had ik een oproepje geplaatst aan iedereen van welke gast zou je nog eens terug willen horen? Daar kwamen zo ontzettend veel verschillende reacties uit dat ik dacht, ik kies uit de top 3 heen. En die heb ik nu tegenover me zitten, dat is Denise. Welkom. Dankjewel. En Denys kunnen we kennen van aflevering 24. Dat was 15 januari 2024 ook. Denys over schoonheid. Ik vind het onwijs leuk dat je hier weer zit. We hebben elkaar lang niet gezien, lang niet gesproken. En wat ik net al zei: je bent gewoon de eerste gast die je voor de tweede keer zit. Dus dat is natuurlijk ook voor jou hopelijk leuk, maar voor mij leuk om iemand weer terug te zien. Wat een grote eer, Sande. Fijn. En Dens, volgens mij wil je beginnen met een gedicht. Of wil je ergens anders mee beginnen. Ik moet eerlijk zeggen, ik heb de bal een beetje bij Denise neergelegd. Het is een bonus aflevering, we kunnen doen wat we willen. Maak jij er maar iets van? Het is aan jou.

Gedicht Geliefde Wijsheid

Deniss

Nou, dan ga ik met een oud gedicht van mij beginnen. Vandaag wil ik het graag hebben over kennis, verstand en intellect. Ken u zelf. En ik vraag me af of ken uzelf niet de port naar lijden is. O mijn geliefde wijsheid, hoe vaak heb ik u opgesloten in mijn kiele kerkers? Hoe vaak liet ik u in mijn diepste geheime kelders vereenzamen? Hoe vaak heb ik u uit mijn hart verbannen. Hoe vaak ben ik uw ontrouw geweest? Hoe vaak heb ik u onnodig bezeerd en gepeinigd. Ooit was ik één met u, en hoe gelukkig waren we samen. Ach, ik kijk met veel verdriet en smart naar onze herinneringen. Soms moest ik u pracht aanschouwen van afstand. Mijn ogen schitterden in zulke momenten van trots. Uw schoonheid ervoer ik soms erg beangstigend. Uw aanwezigheid voelde soms benauwend, soms verlangde ik naar uw komst. Soms durfde ik niet onder uw ogen te komen. Vaak moest ik mijn nachten doorbrengen in bordelen van domheid omdat ik uw nabijheid niet aandurfde. Ik gaf u soms een hemelse status en dan was u onbreikbaar voor mij. Soms hate ik uw arrogantie. Soms was ik trots op u. Ik ervoer vaak u als een hemelse last. Ik verluchte eindeloos en niets om uw aanwezigheid niet te voelen. Ik voelde me zo klein en lelijk wanneer ik naast u liep. Uw licht liet mijn duister harder klinken. U was te mooi om van mij te zijn. Dacht ik altijd bij mezelf. En wie was ik om bij u te mogen horen? Soms word ik bij de hand van uw aanwezigheid. In ons huis was vaak ruzie en ik was uiterst grof in zulke momenten. Ik schaande me vaak voor u. Ik ontkende vaak uw grootheid. Ik hate me intens in uw bijzijn. Ik word bang van de hitsige ogen wanneer ik naast u liep. Ik heb vaker u alleen thuis achtergelaten en me begeven aan de stinkende kroegen toe. U was erg eenzaam al die tijd in mijn huis. En ik werd onrustig. Ik was trotsloos van uw genade en geduld. We pasten niet bij elkaar, dacht ik voortdurend. Ik kon u niet vertrouwen wanneer ik u gadeloos achterlid. Ik droomde naar u, terwijl u naast mij lag. O mijn nobele wijsheid, wat ben ik ontrouw geweest naar u. Ik heb vaak een moeizame relatie met u gehad. Ik koestede vaak haat en liefde tegelijk in mijn relatie met u. En u was altijd geduldig en trouw bij mij. U had trouw gekozen voor mij en ik wist niets van trouw. Afgezien al uw waardigheid en mijn onnozigheden, o mijn fraaie wijsheid, ik hou van u en ik zal u en uw dromen blijven koesteren. Nu besef ik eindelijk dat we voor elkaar bestemd zijn. En ik zeg afgezien al mijn tekorten en onbekwaamheden, en volmondig ja, voor mijn hemels band met u. Ik zal u voortaan eren en bejegenen als een waardige partner, en ik zal voor altijd uw dromen blijven koesteren. In voor- en in tegenspoet. Zelfs dood zal ons niet kunnen scheiden van elkaar, O mijn geliefde wijsheid. Mijn vader had de last van Alzheimer laatste tijden van zijn leven, hij had al zijn wijsheid verloren. Maar hij zocht. En dat was een sprankje hoop wanneer alles je in achter laat en alles verlies je uit je verstand. Wat verlijf je dan van je oven?

Sander

Ik had het gevoel dat in je gedicht dat wijsheid wel. Ik gebruik niet voor niks. Het woord imposant een imponerende aanwezigheid is, bedoel je zei het zelf ook al, je haat liefde relatie met wijsheid. Heel vaak.

Deniss

Of heb ik illusie gehad dat ik mijn wijsheid was? Terwijl mijn wijsheid liep meters voorop. Je bedoel dat je je identificeerde. Ik dacht dat ik het was. Terwijl ik mijn wijsheid nooit in handen. Hoogheid, mijn wijsheid, heeft enige grip een notie over mij.

Sander

En

Visioen op de bergtop

Sander

wat was dat moment waardoor je dacht: wacht eens even, ik ben niet mijn wijsheid.

Deniss

Ja, als kind heb ik een droom gehad, een visioen gehad. Ik wilde eerste zijn die eindelijk één plek veroverde. En ik klom over de rotsen. Eindeloze rotsen. Ik was bezeerd, moe, angstig. En ik klom. Iets onbewust in mijn rie. Klom. En ik keek omhoog en ik zag mijn wijsheid. Die was zo zevig, zo bekwaam. Zo speels en zo snel. En ik raakte mijn hoop kwijt. Hoe kan ik hem te pakken krijgen? Maar ik kon het niet. Soms word ik heel vanhopig. En soms wilde ik driftig deze bijzondere wezen te pakken krijgen. En zo kwam ik het aan het helemaal boven, bovenaan. En daar mijn wijsheid ging tussen de vlaggen spelen. Er waren duizenden en duizenden vlaggen. Ik had niets ontdekt. Voor mij waren heel veel mensen die dat onbekend plek hadden veroverd. En mijn wijsheid speelden met al die vlagjes. En toen besefte ik, mijn wijsheid is mijn weg, niet mijn bezit. Mijn inspiratie.

Sander

Ik stel me dat viizen zo voor dat je een bergtop beklimt. Bovenaan, misschien wel Tibetaanse vlaggen in mijn hoofd, maar misschien waren het andere vlaggen. Maar als wijsheid op zo'n bergtop woont, misschien wel wijsheid dan ook het hoogste goed.

Deniss

De wijsheid is niets anders dan een inspiratie om je zover te krijgen. Het is een kloof tussen ons en onze wijsheid. Soms denken we dat onze wijsheid ons verstand is, onze intellectuele bagage. Soms denken we dat de schoonheid en wijsheid kunnen bevatten, kunnen grijpen, kunnen eigen maken, kunnen in onze zak stoppen. En dat is de grootste boostoen.

Sander

Ja, want ik zet aan synonie te denken, want je noemt er al een paar, maar je hebt inderdaad wijsheid, kennis, verstand. Ja, en mijn optie zijn dat andere dingen geleerd aan hetzelfde, een soort geestelijk vermogen. Maar dat is natuurlijk alleen het intellectuele vermogen. Je hebt ook het empathisch vermogen, dat heeft ook met geestelijk vermogen te maken.

Deniss

Die zijn andere bronnen van kennis. En die bronnen zijn soms onbekend. En ik ben hier misschien om een glim van dat stukje te verduidelijken zoveel ik het kan. En het is een onbegaanbare pad wat ik het vandaag probeer met mijn waarde broeders en zusters en met jou te bewandelen. Maar ja, men zegt een preek door parogie compleet. Dus wat ik het ook zeg uiteindelijk wordt door de waardige oren en wezen van de andere broeders en zusters gewoon iets van gemaakt. Dus ik voel me helemaal vrij om deze onbegaanbare pad met jou te bewandelen voor deze avond.

Ken Uzelf zonder geweld

Sander

Ja, want ik zit ook weer te denken. We hebben het over wijsheid. Een synoniem voor wijsheid is kennis. Binnen de Vrijmets kennen we natuurlijk zelf kennis. Het ken je zelf. Hoe verhoudt zich dat?

Deniss

Ja, ik heb vorige keer gehad over mijn geboorte in het diepste van het oosten. Ik heb de zon gezien en zon ging het uit. Ik kon niet het licht, die schoonheid gewoon te bakken krijgen. Ik was er te klein voor en ik kruipde achteraan. Ik volgde de zon. Onderweg heb ik het heel wat mensen en wat omstandigheden meegemaakt. Tussen oosten en westen zijn er werelden. En die werelden heb ik per ongeluk veel van die wegen meegemaakt. Met vele heb ik het gebeden. Met hele heb ik het gezongen. En vele religies. En met allemaal ging ik onbevreesd me aan begeven aan hun pad. Maar ja, de zon ging verder. En ik moest ook afscheid nemen voor mijn broeders en zusters om verder te gaan. En ik kwam uiteindelijk bij het uiterste van de westen, waar de zon op de aarde kust, een tempel tegen. Ken u zelf. Maar ik had het veel gezien voordat ik het mij zou willen leren kennen. Voor mij was het niet vanzelfsprekend. Ik dacht bij mezelf, waarom deze mensen willen zichzelf kennen? Wat bezielt hen? Want als je een lelijkert binnen tegenkomt. Zomaar mogelijk. Met welke intentie ga je kennen? Met welke doel? En hoe ga je jezelf leren kennen? Met een hamer en bijtel terkeer gaan tegen jezelf? Tegen je ruwersteen? Dat heeft mij aan het denken gezet. En toen dacht ik aan al mijn andere broeders en zusters die ik mee heb gemaakt. Ik ben altijd naar een elixir gezocht om mijn kleine hartje, een plek, een tempel van te maken, dat het vele geliefden konde inpassen, zonder ruzie met elkaar te krijgen. Één hart en duizenden liefdes.

Boeken loslaten om te overleven

Deniss

Ik herinner een verhaal het verhaal van Imam Kazali in de 13e eeuw. 1258. In de najaar van 1258, toen mogse leger onder leiding van Hulag Bam, achter de porten van Bagdad, een stad van de godsgegeven stad, de grootste, mooiste en meest glieuze stad van die tijd. Was ook een jonge imam, Gazali. Hij was een theologie student. Iedereen rende alle kanten op en de stad was op de punt om te vallen. En hij was bezig om al zijn mooie boeken, al zijn wijsheden op zijn ezel. Ergens te verbergen en te vluchten. Iedereen wilde gewoon te redden, wat te redden, viel. En zijn bezit waren zijn boeken. En zo in de nacht stiekem, heeft hij al zijn boeken op zijn ezel. En de stad weggevlucht. Heel lang vluchtde hij tot hij te dicht bij zijn stadwaarheid vandaan kwam. Daar in die hoogtes kwam hij rovers tegen. En de rovers waren grapjassen, vooral hun hoofdroven. Ze wilden zijn ezel en boeken meenemen. Ze dachten dat het de waardige dingen waren. En hij begon te janken alsjeblieft. Jullie mogen gewoon al mijn kleren en ezel alles meenemen. Laat mijn boeken voor mij over. Jullie hebben iets aan. En de hoofd van de over zei: uiteraard gaan we ook al je kleren en ezel en alles meenemen. Maar we nemen ook jouw boeken mee. Waarom dan om jou en iets te leren, wanneer Wijzert. Wat moet ik dan leren zonder mijn boek? Kennis en wijsheid die je van je gestolen kan worden door zonder over als ik, is geen kennis. Ga maar kennis vergaren man. Ga maar kennisvergaren. En dat brengt mij ook op het moment toen ik 35, 36 jaar geleden op de punt stond om te vluchten. Ik had 1244 boeken verzameld van alle kanten in een Perzie, waar het gewoon de meeste van die boeken verboden waren. En ik heb al mijn klein geld, al mijn moeite. Soms moest ik kilometers onder de sneeuw en regen lopen, om geen ticket voor de bus te betalen om al mijn geld voor te boeken. Maar ja, mijn reisagent zei: je mag alleen maar één koff meenemen. Met valse papieren, natuurlijk wil je gewoon niet opvallen. En mijn enige bezit van mij waren mijn boeken 1244 boeken. Allemaal verboden boeken. Ik stapelde al die boeken gewoon me heen. En ik zat het middenin en ik keek naar mijn boeken. En ik zei: Ik heb alleen maar één koffer. En ik moet ook een aantal onderbroeken. Een aantal andere dingen ook meenemen. En ik keek en ik keek en ik keek. Ik kwam niet uit. Ik heb het eentje meegenomen, al is sprake toesteren. Ik was helemaal gek op. Ik was mee opgegroeid vanaf mijn achtste negende jaar. Ik begreep het helemaal niks, nog steeds niet zoveel van die gekke filosoof, de eenzame filosoof. Maar ja, hij was een leidende figuur in mijn wereld. En ik moest allemaal voor iets van 120 dollar weggeven. Ik jankte. Mijn vlees wordt van mij afgenomen. En toen dacht ik aan Kazali: Ach, die kennis. In mijn omgeving was niemand die die boek kon lezen of lastboeken. Dus ik dacht, ik moet mijn wijsheid loslaten. Mijn bezit moet ik het loslaten als ik het wil overleven. Ik heb alleen maar een kleine Russische koffer. Gevuld met één boek een aantal kleine dingen. En gezegd: vaar wel, Perz. Ik ga het avontuur in en ik kan niet met zware lasten. En zo begon mijn reis.

Sander

Dan zou je eigenlijk zeggen dat die boeken een soort materialisatie van je kennis is. Maar als je zegt, ik heb ze allemaal gelezen, dan zit het in je hoofd. En dan heeft die materie ook niks meer te maken. Maar staan die boeken gelijk aan die kennis?

Deniss

Die boeken stonden gewoon heel wat kennis in die boeken. Maar de kennis was last. Ik moest van die last afkomen als ik het nieuwe, onbegaanbare werelden, onbekende werelden wilde ontdekken. Ik kon niet allemaal meenemen.

Sander

Nee, en ik moet ook even denken, stel we gaan kennis en wijsheid aan elkaar gelijk stellen aan dat gedicht wat je net voor las, dat het de imposante wijsheid, de imposante kennis, de imposante aantal aan boeken, dat je daar. Je zegt net, het is een last. Het is natuurlijk een fysieke last, maar het kan ook, dat is meer een vraag eigenlijk, kan het ook een last zijn, omdat het misschien een bepaalde onbevangenheid in de weg zou kunnen staan, daar ga ik het helemaal op in.

Deniss

Onze onbevangenheid om een mooi huis te hebben, je moet er je huis leeg maken. Als je het gewoon jarenlang in een vol geboekt en volle huis, heb je geleefd, en is ook geen ruimte meer om te bewegen, je moet het erg bereid zijn om alles weg te geven. Leeg huis bestaat niet. Maar dan moet je het gewoon opnieuw, met nieuwe ervaringen, nieuwe kennis.

Sander

En hebben we het nu over een fysiek huis, of hebben we het nu over je geest?

Deniss

Wat is een geest? Wat is het materie? Wat is het buitenkant, wat is binnenkant, kan je een schoonheid zien en zeggen. Schoonheid is alleen maar van binnen. En de schoonheid kan je gewoon uitlachen. Ik ken genoeg mannen of vrouwen die mijn buitenkant ook waarderen. Omdat mijn buitenkant een poort naar binnen is. Je kan niet deze poort gewoon verwaarlozen. Binnen is buiten. Als je ten diepste zee in de oceaan wil betreden, je moet eerst de buitenkant nemen. En buitenkant op een gegeven moment is de binnenkant.

Sander

Wat je net ook aangaf, het gaat om de binnenkant en niet om de buitenkant. En als je dan Zeg van ja, maar die buitenkant mag er ook zijn, doet er ook toe. Ik krijg bij een selectie van het gaat toch om die binnenkant. Je vertaling is heel mooi. De buitenkant is je eerste ontmoeting, dat is je eerste kennismaking.

Deniss

Ik ben vorige keer heb ik het ook geprobeerd. Ik ben een beetje aanbieder van de schoonheid. Schoonheid als leidraad. En ik weet dat de schoonheid niet altijd bevatten kan, je moet ook niet willen bevatten. Nee, zeker niet. En een

Binnen is buiten

Deniss

kind, een baby die in je handen worden gedrukt, ken je het niet, heeft ook niets meegemaakt, niets gebouwd, niets gepresenteerd. Maar de liefde. Je kijkt in de ogen en je verliest jezelf. De meeste dingen die wij in het leven in ons enorm waard zijn, hebben we niet gekend, hebben we van gehalen.

Sander

Ja, dat doet me een beetje denken aan de quote: alles van waarde is weerloos. Nee, want je zegt, je zou het niet moeten bevatten, of ik niet precies hoe het zei, maar als ik denk aan schoonheid, dat is onmogelijk. Je moet het niet willen bevatten. Niet willen bezitten en niet willen bevatten. En zeker niet willen omschrijven of beschrijven.

Deniss

Onbaardzuchtig, onbevangen. En hoe kan mijn ogen al die schoonheid kunnen bevatten? Dat kan niet. Dat is onmogelijk. En dat is wat in de Westen in onze westerse wereld die illusie bestaat dat je alles kan bevatten. Die schoonheid ben je zelf. Wat weten we van de groeven en van de dieptes van onze ruwestejn. Elke kleinigheid die onevigheid in die roesteen, is het teken van wind, van zon, van regen, van enorme ervaringen. Dat is een onbekende weg. Je kan het niet alleen maar een kubiek steen van maken.

Ruwe steen omarmen

Sander

Nee, want als ik jou zo hoor, ik vind het heel mooi dat je dat zegt, want ik denk dat dat klopt, maar dat staat in principe redelijk haaks op de denkwijze van de Vrijmetsij, waarin we zeggen, we moeten werken aan de kubieke steen om die te worden.

Deniss

Waarschijnlijk. Precies. Dan hebben we het ook over een tempel die van de steen gebouwd is, ook zo'n. Maar bestaat ook een tempel die niet van de steen is? Zijn we niet in de wereld terechtgekomen van de symboliek? En een tableau. Ik kan alle kanten mee op. Dat is de kracht van verhaal van symboliek. En voor mij bestaat geen stenentempel. Voor mij bestaat ook geen ruwesteen die mag bewerkt worden. Omdat die ruwsteen goed zo is. Als wij met onze verstand, met onze kennis. Zonder liefde en schoonheid ervaren te hebben, onze bijtel in hamer pakken, dan kunnen we vreedheden verrichten. Omdat als je naar jezelf toe gaat, naar je intieme ruimte, naar je wezen, je moet uiterst bekwaam, uiterst voorzichtig en uiterst beschaafd zijn. Anders ga je je bezeren. Vooraf kennis is liefde. Vooraf kennis is acceptatie. Vooraf kennis is omarming. Vooraf kennis is gek worden. Voordat die gek wording is, voordat het verliezen van je eigenheid, identiteit, elke vorm van kennis leidt tot lijden. Kijk naar Schopenhauer. Kijk naar Boeddha, wat hij zegt. Kijk naar Jezus. Na, even en even, hij blijft aan de kruisgenageld. Hij moet lijden en behitsen, begeilen met het leed. Omdat we denken dat het leed essentie heeft. We vergeten dat het leed helemaal niets is, gebakken lucht en boodschappen. Die probeert jou iets bij te brengen. Maar is niet de weg, is niet de essentie.

Lijden als boodschap, vergeving als gereedschap

Sander

Maar als leed niets is, waarom is schoonheid dan wel niet? Ja, schoonheid is de essentie.

Deniss

Ik ben blij dat leed niet de essentie is, scheelt weer, maar kijk naar heel veel religies. Mijn moeder was drie maanden van het jaar zich aan het kenen, maakt vast. Om het leed van die heiligen te komen. En die in christendom is ook heel erg bekend. Kijk, maar in Boeddhisme. Kijk naar Boeddhisme. Het klinkt heel mooi, maar het is oer lelijk. Geboorte is leed, leven is leed en doodgaan is leed. Ik heb het heel anders ervaren. Ik heb heel veel leed ervaren in dit leven. En ik heb geboorte als het mooiste bevrijding gevonden. Een kanaal die naar onbekende en leven. Ik heb heel veel leed, maar waar is dat al die leed? Ik ben een gevangenis geweest, heel lang gevlucht, ik ben zelfs misbruik meegemaakt, martelingen, isoleercel, oorlog. Ik was zelf midden in de oorlog en eenzaamheid. Heel veel gedoe psychiatrische stukken gewoon binnen mijn gezin, buiten mijn gezin. En nu werk ik ook met het hele moeilijke mensen. Maar waar is al het leid? Wie herinnert zijn kespijn van gisternacht? Het is alleen maar een drager van een boodschap. Als je koppelt aan geboorte, aan groei, dan is een groeipijn. En groeipijn is de lekkerste pijn die er is. Dat gaat niet om pijn, het gaat om schoonheid van transformatie, van groei.

Sander

Maar achteraf kan je dat zeggen. Maar als je leed ondergaat, kan ik me voorstellen dat dat heel moeilijk is. Achteraf zeggen we allemaal.

Deniss

Maar als wij die wijsheid te pakken krijgen om tijdens en vooraf. En daarvoor hebben we niet verstand nodig. Daarvoor hebben we wijsheid, vertrouwen en liefde nodig.

Sander

En heeft dat dan ook, tenminste het woord wat mij nu te binnenschiet, heeft dat dan ook met vergeving te maken?

Deniss

Vergeving is ook een instrument. Het is geen doel. Vergeven om te omarmen. Vergeven om te verlichten, om je weg te bewandelen.

Sander

Om te bevrijden, denk ik ook.

Deniss

Ook bevrijden. Waarom moeten we bevrijd raken? Waarom moet een gevangenen bevrijd raken? Je raakt bevrijd om te leven, om een weg te bewandelen. Bevrijden om te bevrijden zegt niets. Het is een mysterie. Een mysterie die niet door de ogen en hoofd van een mens bevatten kan worden. Dat hebben heel veel meesters gewoon meegemaakt. En achtergekomen dat het erst van deze verstand moet bevrijd raken. Onderweg van oosten naar westen heb ik tal van mensen gezien. Ik heb gehoord over de wijn, een bijzondere wijn, wijn van die sommigen dachten gewone wijn was. Gewoone wijn doet het toch wel wat. Maar niet zo. Goddelijke wijn. De Korgef heeft het ook over die wijn, over de mystiek. Ik heb indianen gezien, die gebruikten ook een liaande ziel. En wat het gebeurde, je raakte jezelf kwijt. En wanneer je zelf kwijtraakt, wanneer met het goddelijke wijn van de liefde, wat de roemie, wat de havie is, wat het vele, als een christendom zeggen ze bloed van Jezus. Die wijn maakt je gek. Die wijn maakt je vrij van al je voorstellingen. En die voorstellingen die weg zijn, die staan in de weg. Dan is niets tussen jij en de schoonheid en de waarheid.

Sander

Dus wat je eigenlijk zegt, is dat jezelf kwijtraken, het beste wat je kan overkomen. Jezelf bewust loslaten, verliezen om vervolgens gewonden te worden. En als ik dan denk, ik denk nogmaals aan ken uzelbe, dat staat dan in mijn optiek haaks tegenover jezelf kwijtraken. Want als ik het zien, dan denk ik jezelf ken uzelfan, dat gaat misschien wel meer om grip, om kennis, om iets te duiden. Of veranderen. Of veranderen, maar jezelf kwijtraken, dan heb ik steen. Ja, maar als je net. Je vertelde net over hoe die ruwe steen. Dat elke groef en elke buds en elke beschadiging is een deel van jouw ervaring, van wat je in je leven hebt meegemaakt, kan ik me dat zo voorstellen. Als je dan binnen de vrijmetschelijke zegt, deze ruwe steen, al jouw ervaringen, moet een kubiek worden. Je moet hakken en kappen, et cetera. Dan zou je eigenlijk kunnen zeggen: dus al die ervaringen en al die, misschien ook wel leed en wat dan ook, moet je dat dan wissen.

Deniss

Het gaat om twee begrippen, het zijn of het worden. Het zijn twee verschillende paden. Ik ben hier om de pracht van het zijn te benadrukken. Het mysterie van het zijn. En voordat die mysterie van het zijn niet de enigszins notie van hebben, elke vorm van worden een vloek in de kerk van menselijkheid.

Sander

Elke vorm van worden. Want je hebt het over zijn. Ik moet wel even terugdenken aan dat jij met je boeken om je heen zit en dat je moet kiezen? Ben jij die boeken op dat moment? Ben jij die wijsheid? Nee.

Deniss

Ik ben de mysterie. Die moet gevonden worden. Die moet ontdekt worden en vooral omarmd worden.

Sander

Ja. En hoe moet ik dat vormen? Want gaat het er dan om dat je, want je zegt, ik moet gevonden en ontdekt worden. Door wie? Door jezelf? Of door anderen of door iets?

Deniss

Ik denk dat alles wat het buiten is, is binnen. En wat het binnen is, is buiten. Laat maar gewoon even een aantal ervaringen van mij. Ik heb na heel veel avonturen meemaken, niet zo zegt de man van de oorlog in de tijd van vrede gaat tegen zichzelf te keer in zijn eigen hut. Dus in Nederland, toen ik het aankwam, en al die avonturen waren afgelopen in een vlakke land, het platteland dat het het eind van de wereld is. En toen ging ik te keer op zoek naar avonturen. Maar ook hele gangbare avonturen, avonturen die voor iedereen weggelegd is, maar niemand doet.

Verdwalen In Het Donkere Bos

Deniss

Bossen in de nacht of de zee in de nacht. Ik ben bossen ingegaan en ik heb dingen meegemaakt dat het waanzinnig zijn. Ik weet nog drie jaar geleden was ik in Lunteren samen met mijn broeders van ster in het Oosten. En we hadden een weekend samen. En ik had een broeder moest samen in één kamer, één bed bijna delen. En die broeder snurkte als een mereld. Ik kon geen kont op. Ik word wakker. Ik was een beetje pissig. En toen dacht ik nee. Voor elke wakkerwording is een reden. Dus neem broeder niet kwalijk en zie hem als een merel die je wakker heeft geschud. Maar ik was wakker en hij was aan het snurken. Dus ik heb mijn kleren zachtjes meegenomen, aangehad, en ging ik me begeven aan het bos. Het was donker en donker. Het was zo donker dat ik niets zag. Al mijn moed, al mijn wijsheid, al mijn ogen werkten niet meer. Maar ik begaf mij aan het duister. Ging stap voor stap naar binnen. En op een gegeven moment wist ik de weg terug niet. De weg voor niet. Ik was helemaal afgedwaald, opgeslikt door het duister. En toen begon ik bang te worden. Ik hoorde gewoon een enorme geschreven en zwijn. En ik had mij ook weer verloren. Een kwartier duurde dat ik een beetje pijn kwam. Toen ik mij verzamelde, een beetje mijn moed verzamelde. Toen ik al mijn grotszooi van mijn eigen gedachten voorbij kwam. Dat ik het onverstandig deed, dat deed me niets. Vind ik mijn weg. Dat was ook niet zo belangrijk. Waar kom ik vandaan? Ach, voor en achter, alles is duister. Waar je vandaan komt, is duister. En waar je heen gaat, is duister. Toen ik allemaal opzij gelegd, afstand van heb genomen, mijn ogen deden niet meer. En kon pas niets. Toen begon ik een beetje dansen. Ik zon gewoon midden in het bos om me heen en ik draaide en ik draaide. Ik dacht aan een geestelijke. Een grappige geestelijke in Perzia. Een aantal eeuwen geleden heette Nastratin in India, Turk, Anatolia en in Iran kennen hem voor zijn grappige opmerkingen. Iemand vroeg van Nastratin. Waar is het centrum van de wereld? Precies te zijn. En hij dacht even en hij speelde even met zijn baard en met zijn teen, zijn daar tekende een kruis op de zand. Hier is de centrum van de wereld. En men keek vervolgen aan zei: Hoe verklaar je dat? En hij zei: Geloof je me niet, ga maar meten. En toen dacht ik aan, zei: Ja, hoe kan ik afgedwaald zijn? Ik ben nooit afgedwaald. Waar ik het sta, in deze bol van de aarde. En deze cirkel, oneindige cirkel, die je geen voor en achter kent. Waar je staat, is het centrum van de wereld. Je zal je nooit verliezen. Na een beetje zingen en een beetje dansen, heb ik mij zelf een beetje opgepakt. En ik begon stap zetten in de goede richting. Ik zag het gewoon als ik naar mijn voet kijk, ik kreeg een klein beetje licht. Mijn voet wordt een beetje licht. En ik kon het gewoon enigszins in één stap zien. En tastend, voelend en ik heb één stap gezet. Ik had herinneringen van de weg die ik het was in de aftermaling. Dus die herinneringen beetje bij beetje gevolgd. Het duurde even. Maar op een gegeven moment stond ik het op de weg. En toen zei ik: Ik heb mijn weg gevonden, maar niet het middenpunt van Nederland. Ik ga middenpunt van Nederland. En de Lunteren is het middenpunt. Ik ging daar en door de steen heen. Ik zag het gewoon een beetje bij beetje licht worden. Ik danste en ik zong. Tijdens die gezang heb ik een prachtig vizin gekregen: het verhaal van Prinses Alma en Oromast en een herderjonge. En die heb ik het ook geschreven. Het is een heel mooi verhaal. Het is een schilderij van een oerliefde. Ik had alles verloren. Maar niet alles heeft mij verloren. Nee, dat is wat je ook zei: dat je jezelf moet verliezen. Om gewonden te worden. En toen kwam ik terug. Mijn broeder was nog aan het snurken. Ik heb gewoon stiekem mijn spullen, mijn kleren uitgedaan, en ik ging gewoon onder de deken. En dit keer had ik geen last meer van een streukende broeder. En het was een hele bijzondere nacht.

Sander

Ja, dat kan ik me voorstellen. Is het. Als je dan weer terug in je bed ligt, gaat het dan over dat je iets overwonnen hebt, of meer dat je weer gevonden wordt of dat je waar gaat het dan om?

Deniss

Dat ik nooit de weg heb verloren. Ik heb alleen maar een bijzondere ervaring gehad. Ik was vereerd om de bos en mezelf ontmoeten en ontmoeten worden.

Sander

Dus je zegt eigenlijk, tenminste, zo hoor ik dat dan, van je moet jezelf verliezen. Aan de andere kant kan dat misschien ook niet. Omdat je nooit kan verdwalen. Of zijn dat twee verschillende dingen.

Deniss

Je kan niet verdwalen. Dat ontdek je, je geeft zelf licht waar je bent, soms van buiten komt geen licht. En je hoofd zijn heel legioen. En daar probeer ik te benadrukken. Verstand is één van. De oog die verstand gewoon aanstuurt, is één van. Maar wanneer alles van je wordt beroofd, wanneer je al je verstand, je ogen en wat je het kent in de mind verliest, wat blijft Godsnaam van over? En daar ben ik op zoek naar die essentie, het zijn, het gevoel van zijn, maar het ook berusten in zijn.

Blind vertrouwen

Deniss

Daarvoor heb ik het met mijn cliënten vaker gewonnen, heb ik het over: over de triangel van vertrouwen, blindelijk vertrouwen. Ik zeg, dat klinkt zo. Je bent iemand die een auto pakt, je auto pakt en wil naar een bestemming. Je moet in ieder geval jezelf vertrouwen. Ik kan het auto rijden en ik ken de weg. Maar je weet het, je bent niet te vertrouwen. Je hebt vaker aan je app gezeten, je hebt er vaker gewoon ontrouw geweest. Je bent vaker gewoon over het hoofd gezien. Hoe kan je godsnaam jezelf vertrouwen? Mensen zeggen, ik vertrouw mezelf en zeggen, dat is heel mooi, heel fijn, dat zullen we zien. Dus afgezien al je gebreken, je hoort je blindeling te vertrouwen. Maar ja, zo ben je nog niet in je bestemming. Je moet de andere wegrijders ook vertrouwen zonder hen te kennen. Je moet het gevoel hebben dat iedereen goed rijdt. Iedereen weet wat het doet. Maar je weet het donders goed. Ach, deze mensen met twee benen, hoe kan je hem vertrouwen? Je weet het wat ze mensen gewoon kunnen uitspoken. Maar toch ben jij noodgedwongen, blindeling, iedereen en alles wat het op de weg is, vertrouwen. Anders durf je niet op de weg te komen. Maar wat heb je aan jezelfvertrouwen en de anderen vertrouwen zonder de weg vertrouwen. Vertrouwen hebben dat deze weg naar een goede bestemming gaat leiden. Zonder te weten welke bestemming. Zonder te weten hoe. Dus in deze drie mystieke stand, moet je blindeling vertrouwen hebben. Omdat je vertrouwt aan iets groots. Niet alleen maar aan jezelf, niet alleen maar aan de anderen. Niet aan de weg. Het is dit triangel van vertrouwen. Het is heel moeilijk tegen iemand te zeggen, tegen een cultuur, tegen broeders te zeggen. Vertrouw, blindeling. Heel moeilijk met. En daarom zeg ik, voordat we het zijn, niet gewaar zijn. Worden is een beetje een akelige avontuur. Het kan gewoon heel akelige gevolgen hebben. Pijnlijk. Omdat voordat ik mijn kind ken houd van hout en aanneem, wil ik hem gewoon vormgeven, dan kan het pijn doen.

Sander

Ja, ik zit met die driehoeken, want wat je nu omschrijft: die driehoek van vertrouwen. Ja, projecteer dan op de vrijmets en op een loorje. Want eigenlijk is dat het voor mij is dat een beetje hetzelfde verhaal, dat je inderdaad, je stapt op weg naar ken jezelf, maar je weet niet of je jezelf kan vertrouwen, of je echt het uiterste gaat doen om dit te onderzoeken, of dat je jezelf toch niet helemaal verliest. Dat je zegt ik moet mezelf verliezen, dan heb je natuurlijk broeders die jou helpen, de andere weggebruikers zijn mensen die je niet kent, zeker als je net nieuw bent. Dus ja, wie zegt dat hun intenties oprecht zijn? En het is het pad, het is binnen het vrij mensenlijn heb je natuurlijk ook een soort pad wat je aflegt, de weg. Ja weet je ook niet of je die kan vertrouwen.

Deniss

Ik heb laatst gewoon een bouwstuk gemaakt op 5 mei over de vrijheid. Hoe bedriegelijk kan het zijn hoe moeilijk het woord is, terwijl wij gewoon makkelijk ons leven voor opofferen en gedichten voor schrijven. Ik herinner me bij de binnenkomst, en elke keer gebeurt het dat als iemand aan de deur klopt, de achtbare meester vraagt de eerste tweede opziener: wie klopt aan de deur? En de opzien vraagt van de meneer Dekker, Broeder Dekker, wie klopt aan de deur? En je hoort, de inleider zegt. Een vrije man van goede naam. Dat betekent voor mij: voordat je binnentreedt, moet je een vrije man zijn. Voordat je aan de arbeid begint, moet jij een vrije man zijn. Telkensfeer en telkensweer. Voor een goede naam. Wat is goede naam? Is je ras, is je bloed? Nee, is je intentie. Er je zijn. Je bent gestoeld op je eigen centrum, je eigen zijn. Je bent vrij. Vrij van je voorstellingen, vrij van alles wat je hebt meegemaakt. En je opent je en je vraagt dat het poort open gaat om aan jezelf te werken. Dus liefde gaat vooraf. En de schoonheid is de leidraad. En dan mag het gewoon hamer en bijtel genomen worden. Hamer en bijtal die bij je in je handen past. En niet om grof te werk gaan, nee, strelen. Zag je ze streden, ontstoffen. Verliefd zijn. Ik heb het heel vaak gekeken naar ruwe steen in de werk en daar komiekers steen. Geef mij alsjeblieft, ruwe steen.

Sander

Nou ja, je zegt strelen en liefheben. Terwijl in de vrijmaatsarij, toen ik daar net binnenkwam, dacht ik die ruwe steen. Dat is iets bijna wat je meteen moet moeten aanvallen. Daar moet je werk van maken. Dat is juist wat je niet wil zijn. Want je wil die mooie, fantastische, rechter, met mooie gladde vlakjes, kubieke steen zijn. Het is bijna dan alsof alsof die ruwe steen een soort van je vijand is. Dat kan.

Deniss

De verleiding is groot zonder liefde, zonder schoonheid, gevoel voor schoonheid, zonder omarming zo te keer te gaan. En dat is een akelijke zaak. Ik waarschuw mezelf en iedereen voor dat de liefde en aanvaarding heeft bereikt om te beginnen zichzelf kennen of kennen en proberen ook verwerken.

Het verhaal van de adelaars

Deniss

Dan gaan we gewoon richting worden. Ik heb ooit gelezen over de Perzische koning. Hij wilde de eerste zijn die kon vliegen. Prachtig. En hij riep alle wijzen van alle uithoeken van het Perzische Rijk. Ik zei: jongens, ik wil vliegen en jullie gaan dat mogelijk maken. En al die wijzen hebben gewoon dagen en nachten lang gedacht en al hun verstand bij elkaar geraapt. En op een gegeven moment kwamen ze met een oplossing. Ze hebben tien flinke adelaars te pakken gekregen. Ze hebben een beetje laten honger lijden. Toen hebben ze gewoon met touwtjes aan een mand vastgemaakt. En voor een snavel met het vlees laten hangen. Koning ging in de mand zitten en ze hebben een adelaars losgelaten. Adelaars gingen naar het vlees toe, en koning kon het vliegen. Dat is het soms de kracht van de illusie. Voor de koning is kracht voor de adelaars is een slavernij, worden is een hele bedriegelijke zaak: worden voordat wij te zijn, nog niet getuigen van gewaar zijn geweest, van het zijn, is een moeilijke zaak. Kijk naar onze wereld. We hebben zoveel geworden. Het wordt alleen maar lelijker en lelijker.

Sander

Ik denk dan van ja, ik moest wel aan je driehoek denken met een auto die ergens heen rijdt. Dat is een natuurlijk de vrij metschrijden ergens ook, want je gaat een pad in om iets te worden.

Deniss

Of datgene wat het is, gewaar te zijn. Gewaar zijn is een hele actieve zaak. Die adelaars die vliegen, zijn zo passief als dode mussen. Omdat wie zegt dat het zijn en een statisch iets is, zijn is vol beweging, zijn is alles.

Sander

Dat heeft ook weer met liefde en omarming te maken. Met je ruwe steen afstoffen, koesteren, omarmen.

Deniss

We weten dat het een tempel is, een onvoorstelbaar tempel, dat elke steen, ruw of pubiek, een plekje in heeft.

Compassie als kompas in een cirkel

Sander

Dat het niet gaat worden, het is het. Ik moet meteen aan compassie denken, we hebben bij de vrijmaatsarij de troffel, komt niet echt in die rituele voor, maar het is wel een symbool. En de troffel is eigenlijk, zoals ik het zie, het gereedschap om die niet super strakke kubieke steen, als die op andere strakke kubieke steentjes komt te staan, dat je met die troffel wat specie kan toebrengen, dat die toch in het geheel past. Ik denk dat het eigenlijk een soort ondergeschikt symbool is, compassie.

Deniss

Ik heb het gewoon met mijn bedrijf heet compassie. En kompie voor mij is kompas. Zoek je kompas. Ga zoek en volg je kompas als noordenster. Weet dat je nooit aankomt. En doe met passie. Met heilige twijfel, met heilige licht in je. Laat je kompas je leiden. Je komt het nooit in de noordenster aan, maar je komt in een waanzinnige bestemming aan. Omdat je bent er in die bestemmingen. Omdat deze beweging ook een illusie is. In een cirkel van het leven, van het bestaan, bestaat geen voor of geen achter. Degene die voor je is, straks is achter je. En degene die ja, dat is de cirkel. Alles is de cirkel.

Sander

Het is de plaats, het is de voet die het kruisje zet van hier is het middenpunt.

Deniss

Alles is een cirkelvorming. Dus het is niets om te ontdekken: het is alleen maar gewaar te zijn. Ik begrijp dat het moeilijke onderwerp is, ook omstreden, tegenstrijden allemaal. Wat kan ik doen omdat het die waarheid of die werkelijkheid of wat dat is, zo groot is dat ik het niet anders kan over hebben dan met al deze tegenstrijdige woorden. Mijn excuses. Ik ben hier om men in de war brengen. Niet helderheid. Helderheid, iedere moet zelf zoeken. Maar de waarheid. En het glim van die wijn, die je gek maakt.

Sander

Ja, ik zit aan schoonheid te denken. Kijk, schoonheid is ook niet helder. En is ook niet definieerbaar mooi, dankjewel. Ja, Klip en klaar wou ik zeggen, maar definieerbaar is een mooi woord. Dat is ook verwarrend. Dat is ook tegenstrijdig.

Deniss

Die heeft het niet in zijn leven alles voor overgehad. Om dan heel even de hand van zijn geliften in hand te nemen. Of de nabijheid te zoeken. We zijn allemaal bereid voor de schoonheid onze leven op te geven. Schoonheid die we niet kennen.

Sander

Zonder kennen. Maar we zijn niet bereid om ons leven te geven voor wijsheid.

Deniss

Wijsheid als het gepaard gaat met schoonheid. Dan is wijsheid. Soms is schoonheid helemaal onwijs. Oh nee, 100%. Die onwijs is de hoogste wijsheid. Omdat wijsheid, kracht en schoonheid drie losse elementen. Ze zijn één. Eén, drie in één en één in drie. Schoonheid is manifestatie van allemaal. Omdat schoonheid is die die bergen tot bewegen brengt. Dat kracht bundelt. En dat ons inspireert en ons betovert, gek maakt, en werelden laten ontdekken, dat het alleen maar met kleine verstand niet te bereiken zijn.

Sander

En als jij dan zo in het bos staat, in Lunteren, in het donker, ziet niets ervaart heel veel. Want we hebben nu best wel breed over wijsheid en schoonheid gehad, maar het is goed dat je dan de kracht er ook bij noemt, natuurlijk, want dat is onze drie eenheid. Op zo'n moment dat je in dat bos staat, hoe benut je kracht dan? Benut je kracht?

Deniss

Kracht heb je wanneer je bevrijd raakt van al mentale gedoe, al die vragen, alwijd, al die angsten, kom ik terug, zie ik mijn kinderen weer, mijn kind weer. Zie ik het gewoon. Waarom heb ik het zo dom gedaan en allemaal los, los. Kom ik het überhaupt aan? Dan ben je in het hier en nu dat moment en dat is mateloos krachtig.

Sander

Ja, en ik denk, we noemden eerder al je zelf verliezen. Ik weet niet of dat per se wijsheid is, maar dat is denk ik wel kracht.

Deniss

Je verliest om om tot je kracht te komen, omdat onze voorstellingen datgene zijn wat wij verliezen moeten. We zijn regelmatig op die kruispunt komen we. Kiezen we voor schoonheid. Of kiezen we voor onze kleine, mentale of de wereldse oppervlakkige hechtingen. Ik hou van dat soort kruispunten. En ik weet het zeker, schoonheid zal ons leiden. Onwijs lijden.

Sander

Denis, ontzettend bedankt voor dit gesprek en heel fijn dat je deze kant op wilt komen.

Deniss

Alsjeblieft, en het is ook heel bijzonder om hier te zijn voor de tweede keer. Ik heb heel veel broeders en zusters die ik niet ken, en ik denk onbekend is wel bemind. Dus ik begroet iedereen en bedank iedereen voor het geduld en voor de opening. Dank u.

Sander

Bedankt

Afsluiting en contact

Sander

voor het luisteren naar deze aflevering van de Vrijmetslaars Podcast. Ik vind het leuk als je contact met me opneemt. Dit kan via Instagram of Facebook. Zoek in beide gevallen op Vrijmetslaars Podcast en je kan me ook een mailtje sturen op vrijmetselaarspodcast.gmail.com. Vanaf aflevering 30 is er van elke aflevering een transcriptie beschikbaar. Deze transcriptie is te vinden op de website van de podcast. Luister je graag naar de Vrijmetselaars podcast en waardeer je de afleveringen. Dan kan je nu ook een voi geven. Dit kan via voljepod.com. En voor je pot is met D van podcast. Of klik op de support de show link onderaan de show notes. Tot de volgende aflevering.

Podcasts we love

Check out these other fine podcasts recommended by us, not an algorithm.

Craftcast: The Freemasons Podcast Artwork

Craftcast: The Freemasons Podcast

United Grand Lodge of England
Know Thyself Artwork

Know Thyself

Know Thyself